Bij staalconstructies gebruik je voornamelijk MIG/MAG-lassen als standaardlastechniek voor constructiewerk, TIG-lassen voor precisiewerk in RVS en dunne materialen, en elektrisch booglassen voor zwaar constructiewerk buitenshuis. Welke lastechniek het beste past, hangt af van het materiaal, de wanddikte, de omgeving en de kwaliteitseisen van het project. Bij dragende constructies gelden aanvullende normen, zoals NEN-EN 1090, die ook eisen stellen aan de certificering van de lassers.
De verkeerde lastechniek kiezen kost je meer dan alleen hersteltijd
Als een las niet past bij het materiaal of de toepassing, merk je dat pas later — en dan op het slechtste moment. Een MIG/MAG-las op dun plaatstaal van 1,5 mm kan doorbranding veroorzaken. TIG-lassen op een dikwandige constructiebalk kost drie keer zoveel tijd, zonder dat dit een betere sterkte oplevert. Het gevolg: herstelwerk, vertraging en extra kosten. De oplossing begint bij het vroeg stellen van de juiste vragen: welk materiaal, welke wanddikte, welke belasting en welke norm? Pas dan kies je de juiste lastechniek.
Niet-gecertificeerd laswerk is een risico dat je niet ziet totdat het misgaat
Bij dragende constructies is de kwaliteit van een las niet zichtbaar met het blote oog. Een las kan er netjes uitzien, maar intern porositeit, onvolledige inbranding of scheuren bevatten. Dat is precies waarom NEN-EN 1090-certificering bestaat: de norm borgt dat lassers aantoonbaar gekwalificeerd zijn en dat laswerk gecontroleerd wordt. Werk je samen met een constructiebedrijf zonder gecertificeerde lassers? Dan loop je risico op afkeur bij inspectie, aansprakelijkheid bij schade en vertraging bij oplevering. Vraag altijd vooraf naar de lasserskwalificaties en het kwaliteitssysteem van je leverancier.
Wat zijn lasverbindingen en waarom zijn ze belangrijk bij staalconstructies?
Een lasverbinding is een permanente verbinding tussen twee of meer stalen onderdelen, tot stand gebracht door smelting van het basismateriaal en een toevoegmateriaal. Bij staalconstructies zijn lasverbindingen de meest gebruikte methode om krachten over te dragen tussen constructiedelen, omdat ze sterk, compact en flexibel toepasbaar zijn.
Anders dan boutverbindingen vormen lassen een aaneengesloten geheel met het staal zelf. Dat maakt ze bij uitstek geschikt voor dragende constructies, zoals spanten, portalen en vakwerken, waar krachten gelijkmatig over de verbinding verdeeld moeten worden. Een goed uitgevoerde las is minstens zo sterk als het omliggende staal.
De kwaliteit van een lasverbinding hangt af van meerdere factoren: de lastechniek, het gebruikte toevoegmateriaal, de voorbereiding van het staaloppervlak, de vaardigheid van de lasser en de nacontrole. Bij constructiewerken voor dragende toepassingen zijn al deze factoren genormeerd en controleerbaar.
Welke soorten lassen worden het meest gebruikt bij staalconstructies?
De meest gebruikte lassoorten bij staalconstructies zijn de hoeklas en de stuiklas. De hoeklas verbindt twee vlakken die een hoek vormen; de stuiklas verbindt twee vlakken die in elkaars verlengde liggen. Beide komen voor in vrijwel elk constructieproject, van lichte staalframes tot zware draagconstructies.
Naast de lasvorm speelt ook de lastechniek een rol. De meest toegepaste technieken in de constructiepraktijk zijn:
- MIG/MAG-lassen — de standaard voor constructiewerk in staal, snel en veelzijdig toepasbaar
- TIG-lassen — voor precisiewerk in RVS, aluminium en dunne materialen
- Elektrisch booglassen (MMA) — robuust en geschikt voor buitenomstandigheden en dik materiaal
- Onderpoederlassen (SAW) — voor lange, rechte lassen in dikke platen, vaak in fabrieksomgevingen
In de praktijk worden MIG/MAG en TIG het meest ingezet, afhankelijk van het materiaal en de gewenste nauwkeurigheid.
Wat is het verschil tussen MIG/MAG-lassen en TIG-lassen?
MIG/MAG-lassen gebruikt een continu aangedreven draadelektrode en een beschermgas om het smeltbad te beschermen. TIG-lassen gebruikt een niet-afsmeltende wolfraamelektrode en een apart toevoegmateriaal dat handmatig wordt ingebracht. MIG/MAG is sneller en geschikter voor constructiewerk; TIG geeft meer controle en een hogere naadkwaliteit.
- MIG/MAG-lassen: hoge lassnelheid, geschikt voor staal van 3 mm en dikker, breed toepasbaar in constructies, minder bewerkingstijd per meter las
- TIG-lassen: lagere lassnelheid, geschikt voor RVS, aluminium en dunne materialen, hoge naadkwaliteit, minder spatten en een nettere afwerking
In de constructiepraktijk kies je MIG/MAG wanneer snelheid en volume tellen, zoals bij het lassen van spanten, liggers of portalen. TIG-lassen zet je in wanneer esthetiek of materiaaleigenschappen daarom vragen, bijvoorbeeld bij RVS-leidingwerk, tanks of architectonische toepassingen. Sommige projecten combineren beide technieken: MIG/MAG voor de hoofdconstructie, TIG voor de afwerking of specifieke onderdelen.
Wanneer kies je voor bouten in plaats van lassen bij een staalconstructie?
Je kiest voor boutverbindingen wanneer een constructie demontabel moet zijn, wanneer lassen ter plaatse niet mogelijk is, of wanneer de verbinding later aangepast of vervangen moet kunnen worden. Bouten zijn ook praktischer bij prefabconstructies die in de fabriek worden voorbereid en op locatie worden gemonteerd.
Lassen geeft in de meeste gevallen een sterkere en compactere verbinding, maar vraagt om vakkundige uitvoering en is permanent. Boutverbindingen zijn controleerbaar, aanpasbaar en bieden meer flexibiliteit bij montage op moeilijk bereikbare locaties.
In de praktijk combineer je beide methoden vaak. Een staalframe kan in de werkplaats gelast zijn en met bouten worden bevestigd aan de fundering of aan andere constructiedelen op de bouwplaats. De keuze hangt af van de belasting, de toegankelijkheid, de demontabiliteitseisen en de planning.
Wat betekent NEN-EN 1090 voor de kwaliteit van laswerk?
NEN-EN 1090 is de Europese norm voor de fabricage van staal- en aluminiumconstructies. Voor laswerk betekent dit concreet dat lassers gecertificeerd moeten zijn, dat lasprocedures zijn gevalideerd en gedocumenteerd, en dat het laswerk onderhevig is aan vastgelegde keuringsprocessen. Bij dragende constructies is NEN-EN 1090-certificering verplicht.
De norm schrijft voor welke lasprocedures gebruikt mogen worden, hoe het materiaal voorbereid moet worden en welke controles na het lassen uitgevoerd worden. Dat varieert van visuele inspectie tot niet-destructief onderzoek, zoals ultrageluid- of röntgenonderzoek, afhankelijk van de uitvoeringsklasse.
Voor jou als projectleider of constructeur betekent NEN-EN 1090 dat je aantoonbaar kunt maken dat het laswerk voldoet aan de Europese veiligheidsnormen. Bij dragende constructies krijg je een CE-certificaat, wat bij aanbestedingen voor Rijkswaterstaat, Waternet of andere opdrachtgevers steeds vaker een harde eis is. Vraag bij je leverancier altijd naar het NEN-EN 1090-certificaat en de uitvoeringsklasse waarvoor ze gecertificeerd zijn. Meer informatie over onze diensten en certificeringen vind je op onze dienstenpagina.
Hoe herken je slecht laswerk bij een staalconstructie?
Slecht laswerk herken je aan zichtbare afwijkingen, zoals een onregelmatige lasrups, spatten rondom de las, scheuren in of naast de lasnaad, onvolledige inbranding aan de wortelzijde en porievorming aan het oppervlak. Deze gebreken wijzen op problemen met de lastechniek, de voorbereiding of de lasserkwalificatie.
Let bij visuele inspectie op het volgende:
- Onregelmatige breedte of hoogte van de lasrups, wat duidt op onstabiele lasparameters
- Spatten rondom de las, een teken van verkeerde instellingen of onvoldoende beschermgas
- Scheuren in de lasnaad of in de warmtebeïnvloede zone naast de las
- Poriën of putjes aan het lasoppervlak, veroorzaakt door vocht, verontreiniging of ongeschikt toevoegmateriaal
- Ondersnijdingen langs de lasranden, waarbij het basismateriaal is weggebrand zonder voldoende vulling
Visuele inspectie is een eerste stap, maar niet voldoende voor dragende constructies. Interne gebreken, zoals onvolledige inbranding of interne scheuren, zijn alleen zichtbaar met niet-destructief onderzoek. Bij twijfel over de kwaliteit van laswerk in een bestaande constructie is het verstandig een gecertificeerde inspecteur in te schakelen.
Hoe wij helpen met laswerk voor staalconstructies
Bij Galesloot Constructie zijn al onze lassers persoonlijk gecertificeerd en werken we volgens NEN-EN 1090. Dat betekent dat elk laswerk dat we opleveren aantoonbaar voldoet aan de Europese normen voor staalconstructies. We verzorgen het volledige traject: van engineering en tekenwerk tot productie, oppervlaktebehandeling en plaatsing door onze eigen montageploeg.
- NEN-EN 1090-gecertificeerd constructiebedrijf met CE-certificaat voor dragende constructies
- Persoonlijk gecertificeerde lassers voor staal, RVS en aluminium
- Eigen engineering en werkvoorbereiding, zodat we vroeg in het proces meedenken
- Van enkele balken tot complete draagconstructies, inclusief spanten, portalen en vakwerken
- Eén vast aanspreekpunt van offerte tot oplevering
Wil je weten hoe we jouw project kunnen ondersteunen? Lees meer over wie we zijn en hoe we werken, of neem direct contact op voor een offerte of technisch advies.
